Startpagina Fotogalerij   Info   Zoeken   Halle-Vilvoorde  
  Notities van mijn vader
  Nota's van mijn vader


Over armoede

27.04.2007 17.20u - Een snuifje sentimentaliteit, een vleugje pathetiek, en veel kinderachtig spektakel: dank zij de televisie bloeit de liefdadigheid als nooit tevoren. De “elite” gloeit van zelfvoldaanheid bij zoveel vertoon van medeleven. Inmiddels worden, overeenkomstig het cliché, de rijken rijker, en de armen armer, maar vooral ook talrijker.
Dat is het resultaat van veertig jaar ontwikkelingshulp. Honderden miljarden dollar werden in de Derde Wereld gepompt, tienduizenden ontwikkelingshelpers ingezet.
Vruchteloze oefeningen? Niet helemaal. Want ‘elk nadeel hep ze voordeel’ (de filosoof J. Cruijff) De ambtenaren en gedelegeerden, vaak onderhorigen van de armste landen, die het ene plan na het andere bedenken, de ene conferentie na de andere beleggen, hebben aan de armoede een goed belegde boterham.

Soms kunnen volkeren die willing and able zijn, zich uit de grootste rampspoed verheffen. Geen land heeft zozeer onder de oorlog geleden als Vietnam. Daar sterft vandaag niemand van de honger.

Een Europese koe ’verdient’ meer dan de helft van de aardbewoners: twee dollar subsidie per dag. Wie de Derde Wereld echt wil helpen schaft de landbouwsubsidies af, zodat de boeren ginds eindelijk hun brood kunnen verdienen. De socialistische en christen-democratische barmhartige zielen denken er niet aan. Ze halen liever al die straatarme boeren naar Europa, waar de helft onder hen vegeteert op staatskosten. Tel uit de winst: de miljardenverspilling aan subsidies, de miljardenverspilling aan uitkeringen voor allochtonen, en de Derde Wereld armer dan ooit.

Ethiopië, twintig jaar na de internationale hulpactie, die door Bob Geldof op de gitaar werd begeleid. Er is meer honger dan ooit tevoren. (Er zijn ook meer kinderen). Geldof grijpt opnieuw naar zijn gitaar.

In 1986 verklaarde Lord Peter Bauer, professor aan de London School of Economics op een colloquium van Artsen zonder Grenzen, nog maar eens wat men ook toen al lang wist, namelijk dat de ontwikkelingshulp naar de machthebbers in de arme landen gaat, en niet haar hun graatmagere onderdanen die we zo vaak in het TV-nieuws mogen aanschouwen. Hij haalde o.m. het voorbeeld van Niger aan waar miljarden dollars werden uitgegeven aan de bouw van een nieuwe hoofdstad. Twee decennia later is het land uitgebreid in beeld, geteisterd door hongersnood.

Er zijn twee methoden in zwang om de Afrikanen te helpen: 1° doen alsof men ze helpt, en 2° ze aan hun lot overlaten. De tweede methode levert minder ongunstige resultaten op.

De mens is een verbijsterend fenomeen. Hoe armer hij is, hoe sneller hij zich vermenigvuldigt, als was het zijn roeping een maximum aantal nakomelingen in de ellende te storten.

La multiplication de nos semblables confine à l’immonde; le devoir de les aimer au saugrenu’ (Cioran). De exploderende demografie in de primaire oorzaak van alle andere kwalen die de planeet teisteren: vernietiging van het milieu, armoede, honger, oorlogen, en onbeheersbare migratie.

De tweede oorzaak is de globalisering, een eufemisme voor het grote graaien, georganiseerd door een consensus onder financiers, industriëlen, politici en bureaucraten, een hogere orde van keurige kosmopolieten die elkaar vinden in wereldomspannende en onontwarbare netwerken. Zij roepen organismen in het leven die overal bevoegd zijn en nergens aansprakelijk, die de planeet volledig onderwerpen aan de belangen van het geld, en die van een gelijkgeschakelde wereldburger zonder identiteit weinig weerstand verwachten.
Zij treffen een onverwachte maar efficiënte objectieve bondgenoot aan in de political correctness, de meest recente variant van het communisme, die eveneens mondiaal denkt,
die de naties ontmantelt, de westerse cultuur ondergraaft en het toekomstige heil schijnt te verwachten van de tientallen miljoenen nomaden die op de aardbol rondzwerven, als ‘kosmopolieten’ van de armoede.

De gemeenschappelijke moraal van promotoren van de globalisering en de zeloten van de political correctness, wordt in antiracisme- en discriminatiewetten gegoten. Het is “de moraal van de maatschappij van de koopwaar, toegepast op de volkeren en de culturen. De idee dat alles met alles kan vermengd worden is de utopie van de consumptie van alles door allen.’ ( Alain Finkielkraut, Les battements du monde)



25.08.2008 .......  Patrick verzet de bakens
06.06.2008 .......  Veilig Nederland
30.05.2008 .......  Campagne
29.03.2008 .......  De stralende toekomst van Darfoer
27.03.2008 .......  Provocatie
02.02.2008 .......  Spijt

 Archief


Over armoede

02.02.2008 17.35u - Een snuifje sentimentaliteit, een vleugje pathetiek, en veel kinderachtig spektakel: dank zij de televisie bloeit de liefdadigheid als nooit tevoren. De “elite” gloeit van zelfvoldaanheid bij zoveel vertoon van medeleven. Inmiddels worden, overeenkomstig het cliché, de rijken rijker, en de armen armer, maar vooral ook talrijker.
Dat is het resultaat van veertig jaar ontwikkelingshulp. Honderden miljarden dollar werden in de Derde Wereld gepompt, tienduizenden ontwikkelingshelpers ingezet.
Vruchteloze oefeningen? Niet helemaal. Want ‘elk nadeel hep ze voordeel’ (de filosoof J. Cruijff) De ambtenaren en gedelegeerden, vaak onderhorigen van de armste landen, die het ene plan na het andere bedenken, de ene conferentie na de andere beleggen, hebben aan de armoede een goed belegde boterham.

Soms kunnen volkeren die willing and able zijn, zich uit de grootste rampspoed verheffen. Geen land heeft zozeer onder de oorlog geleden als Vietnam. Daar sterft vandaag niemand van de honger.

Een Europese koe ’verdient’ meer dan de helft van de aardbewoners: twee dollar subsidie per dag. Wie de Derde Wereld echt wil helpen schaft de landbouwsubsidies af, zodat de boeren ginds eindelijk hun brood kunnen verdienen. De socialistische en christen-democratische barmhartige zielen denken er niet aan. Ze halen liever al die straatarme boeren naar Europa, waar de helft onder hen vegeteert op staatskosten. Tel uit de winst: de miljardenverspilling aan subsidies, de miljardenverspilling aan uitkeringen voor allochtonen, en de Derde Wereld armer dan ooit.

Ethiopië, twintig jaar na de internationale hulpactie, die door Bob Geldof op de gitaar werd begeleid. Er is meer honger dan ooit tevoren. (Er zijn ook meer kinderen). Geldof grijpt opnieuw naar zijn gitaar.

In 1986 verklaarde Lord Peter Bauer, professor aan de London School of Economics op een colloquium van Artsen zonder Grenzen, nog maar eens wat men ook toen al lang wist, namelijk dat de ontwikkelingshulp naar de machthebbers in de arme landen gaat, en niet haar hun graatmagere onderdanen die we zo vaak in het TV-nieuws mogen aanschouwen. Hij haalde o.m. het voorbeeld van Niger aan waar miljarden dollars werden uitgegeven aan de bouw van een nieuwe hoofdstad. Twee decennia later is het land uitgebreid in beeld, geteisterd door hongersnood.

Er zijn twee methoden in zwang om de Afrikanen te helpen: 1° doen alsof men ze helpt, en 2° ze aan hun lot overlaten. De tweede methode levert minder ongunstige resultaten op.

De mens is een verbijsterend fenomeen. Hoe armer hij is, hoe sneller hij zich vermenigvuldigt, als was het zijn roeping een maximum aantal nakomelingen in de ellende te storten.

La multiplication de nos semblables confine à l’immonde; le devoir de les aimer au saugrenu’ (Cioran). De exploderende demografie in de primaire oorzaak van alle andere kwalen die de planeet teisteren: vernietiging van het milieu, armoede, honger, oorlogen, en onbeheersbare migratie.

De tweede oorzaak is de globalisering, een eufemisme voor het grote graaien, georganiseerd door een consensus onder financiers, industriëlen, politici en bureaucraten, een hogere orde van keurige kosmopolieten die elkaar vinden in wereldomspannende en onontwarbare netwerken. Zij roepen organismen in het leven die overal bevoegd zijn en nergens aansprakelijk, die de planeet volledig onderwerpen aan de belangen van het geld, en die van een gelijkgeschakelde wereldburger zonder identiteit weinig weerstand verwachten.
Zij treffen een onverwachte maar efficiënte objectieve bondgenoot aan in de political correctness, de meest recente variant van het communisme, die eveneens mondiaal denkt,
die de naties ontmantelt, de westerse cultuur ondergraaft en het toekomstige heil schijnt te verwachten van de tientallen miljoenen nomaden die op de aardbol rondzwerven, als ‘kosmopolieten’ van de armoede.

De gemeenschappelijke moraal van promotoren van de globalisering en de zeloten van de political correctness, wordt in antiracisme- en discriminatiewetten gegoten. Het is “de moraal van de maatschappij van de koopwaar, toegepast op de volkeren en de culturen. De idee dat alles met alles kan vermengd worden is de utopie van de consumptie van alles door allen.’ ( Alain Finkielkraut, Les battements du monde)

© 2005-2008 Filip De Man